Gelukkig is studeren hier in Nederland niet zo duur als bijvoorbeeld in de Verenigde Staten, maar het is nog steeds een uiterst kostbare zaak. Gelukkig draagt de overheid onder bepaalde voorwaarden bij aan een deel van de kosten die je moet maken om te kunnen studeren. Dit is de zogeheten studiefinanciering. Maar let op: voor (hoger onderwijs-)studenten die op of na 1 september 2015 zijn gaan studeren, is alles anders. Voor hen is alles veel ongunstiger. Wanneer heb je recht op studiefinanciering? Wat houdt het oude en nieuwe stelsel in? En hoe kun je studiefinanciering aanvragen?

Oude stelsel: basisbeurs

In het oude stelsel krijgt iedereen die voldoet aan een paar voorwaarden een basisbeurs, oftewel een vast bedrag per maand. Daar bovenop komt het studentenreisproduct, een studenten ov-chipkaart waarmee studenten vrij kunnen reizen. Afhankelijk van het inkomen van de ouders kunnen studenten ook nog een aanvullende beurs krijgen. Deze drie vormen van studiefinanciering zijn een ‘prestatiebeurs’: wie binnen 10 jaar niet zijn diploma haalt, moet ze terugbetalen.


Nieuwe stelsel: studievoorschot

Voor studenten aan het hbo of de universiteit die op of na 1 september 2015 zijn begonnen, is de basisbeurs weggevallen. Daarvoor is het zogeheten studievoorschot in de plaats gekomen. In feite is dit gewoon een lening die moet worden terugbetaald. Het wordt wel een sociale lening genoemd, aangezien het terugbetalen gebeurt op basis van inkomen en de rente een stuk lager is dan die bij reguliere banken. Het is overigens niet verplicht om deel te nemen aan dit studievoorschot, iedere student kan zelf bepalen hoe hij zijn studie financiert. Let op: voor mbo-studenten blijft de basisbeurs intact! De aanvullende beurs en het studentenreisproduct blijven naast de basisbeurs/het studievoorschot bestaan, net zoals in het oude stelsel.

Recht op studiefinanciering

Voor wie is dat nou beschikbaar, die studiefinanciering? In het kort: voor studenten. Om precies te zijn voor mensen die een studie aan een universiteit of hbo volgen, dan wel die een beroepsopleidende leerweg doen aan een mbo-instelling. Om recht te hebben op studiefinanciering, moet je minimaal 18 jaar oud zijn en de aanvraag voor financiering hebben gedaan voor je 30e. Verder moet je de Nederlandse nationaliteit hebben of een verblijfsvergunning hebben van het type 2, 3 of 4. Mensen met een overig type verblijfsvergunning of die burger zijn van een ander EU-land, hebben onder bepaalde voorwaarden ook recht op stufi (zoals de studiefinanciering doorgaans wordt genoemd door studenten). Tot slot geldt dat de opleiding minimaal één jaar of langer moet duren.


Hoogte van de studiefinanciering

Wat is de hoogte van de studiefinanciering? De hoogte van de basisbeurs is afhankelijk van 1) de thuissituatie (thuiswonend of uitwonend) en 2) het onderwijsniveau: mbo versus hoger onderwijs (hbo en universiteit). De hoogte van de aanvullende beurs is afhankelijk van het inkomen van de ouders.

Financiering studie: collegegeldkrediet

Het zogenoemde collegegeldkrediet is ook een vorm van studiefinanciering. Bij DUO kun je deze lening aanvragen, die is bedoeld om je jaarlijks collegegeld mee te kunnen betalen. Dit collegegeldkrediet wordt tegelijk met de rest van je studiefinanciering overgemaakt. Let op: ook hier kost geld lenen geld! Je betaalt er namelijk rente over.

Studiefinanciering aanvragen

Hoe moet je de studiefinanciering aanvragen? Dat gaat via DUO, de Dienst Uitvoering Onderwijs. Tegenwoordig gaat de hele aanvraag digitaal, waarmee bergen papierwerk worden uitgespaard. Het is wijs om 3 maanden van tevoren de stufi al aan te vragen, het kan tot uiterlijk de maand voordat ‘ie moet starten. Te laat? Dan mis je de uitkering van een of meerdere maanden. Om in te kunnen loggen bij DUO heb je DigiD nodig. Wil je ook het studentenreisproduct, dan zul je zelf een OV-chipkaart moeten hebben waarop je het studentenreisproduct kunt zetten.